Praatplaten

Praatplaat supermarkt: printen, praten en winkeltje spelen

Een praatplaat over de supermarkt om gratis te printen. Op de plaat weegt een meisje appels, duwt een vader een winkelwagen met een peuter en rollen er appels uit een omgevallen krat. Je vindt er de kernwoorden bij en zes vragen, van “Waar is de kaas?” tot “Waarom moet de jongen naar de kassa?”

Bijgewerkt op

Praatplaat supermarkt: een kraam met kratten peren, bananen, appels en wortels, een schap met brood, kaas en melk, een meisje dat appels in een zakje op de weegschaal doet, een vader met een boodschappenlijstje die een winkelwagen duwt met een peuter in het zitje, een jongen met een grote tros bananen bij de kassa, een caissière achter de kassa met een lopende band, drie rode manden naast de kassa, en een omgevallen krat waaruit appels over de grond rollen.
Praatplaat supermarkt. Print hem op A4 liggend, met de vragen erbij.

Woorden op deze plaat

  • de appel
  • de banaan
  • het brood
  • de melk
  • de kaas
  • de peer
  • de wortel
  • de mand
  • de winkelwagen
  • de kassa
  • de weegschaal
  • het boodschappenlijstje
  • de lopende band
  • wegen
  • betalen

Vragen per niveau

  1. 1Aanwijzen · Het kind wijst aan. Zeggen hoeft nog niet.Waar is de kaas?
  2. 2Benoemen · Het kind zegt het woord.Wat is dit? (een winkelwagen)
  3. 3Wie doet wat · Werkwoorden, de stap naar zinnen.Wat doet het meisje bij de weegschaal? (ze doet appels in een zakje)
  4. 4Welke en hoeveel · Kleuren, tellen, vergelijken.Hoeveel manden staan er bij de kassa? Welke kleur hebben ze?
  5. 5Wat gebeurt er straks · Vooruit denken.Er is een krat omgevallen en de appels rollen over de grond. Wat gebeurt er straks?
  6. 6Waarom · Verbanden leggen die niet op de plaat staan.Waarom moet de jongen met de bananen naar de kassa?

Zo introduceer je het thema supermarkt

Bijna elk kind gaat wekelijks mee naar de supermarkt. Begin daarom bij wat het kind al kent. Neem een boodschappentas mee naar de kring of naar tafel met een appel, een banaan, een pak melk en een stuk kaas. Haal de dingen er een voor een uit en laat kinderen raden wat er komt.

Leg daarna de praatplaat neer en zoek dezelfde dingen op. Kies voor de eerste week vijf kernwoorden, bijvoorbeeld appel, banaan, brood, melk en winkelwagen. Ga je echt boodschappen doen met de groep of met je kind, gebruik de plaat dan vooraf om te vertellen wat jullie gaan doen, en achteraf om terug te blikken.

Vijf spel- en praatactiviteiten met de supermarktplaat

Deze activiteiten werken in de kring, in de huishoek en thuis aan tafel. Begin met de eerste en kies daarna wat past bij het kind.

  1. 1Boodschappenlijstje zoekenTeken of plak drie plaatjes op een briefje, bijvoorbeeld een appel, kaas en melk. Het kind zoekt ze op de plaat en zet een kruisje als het ze gevonden heeft. Zo oefent het aanwijzen en benoemen, en wat een lijstje is.
  2. 2Wat hoort niet in de supermarkt?Leg plaatjes naast de plaat van een banaan, een brood, een fiets, een wortel en een bed. Wat kun je kopen in de supermarkt en wat niet? Laat het kind uitleggen waarom.
  3. 3Winkeltje spelenRicht in de huishoek een supermarkt in met lege verpakkingen, een mandje en een speelgoedkassa. Een kind is de caissière, de ander doet boodschappen. Oefen zinnen als “Ik wil graag een brood” en “Alstublieft, dank je wel.”
  4. 4Wat gebeurt er straks?Wijs de omgevallen krat aan en de appels op de grond. Wat gebeurt er als iemand erop stapt? Wie ruimt ze op? Laat kinderen het verhaal verder vertellen of naspelen. Er is geen fout antwoord.
  5. 5Sorteren en wegenZet een keukenweegschaal of een balans naast de plaat. Laat het kind echte appels en peren sorteren en wegen, net als het meisje op de plaat. Woorden als zwaar, licht, meer en minder komen dan vanzelf.

Meer woorden voor je themaweek supermarkt

Deze woorden passen bij de supermarkt, maar staan niet allemaal als kernwoord bij de plaat. Breid pas uit als het kind de kernwoorden aanwijst of zegt.

  • Eten en drinken: de eieren, de yoghurt, de rijst, de pasta, het sap, de tomaat, de komkommer.
  • In de winkel: het schap, de krat, het zakje, het bonnetje, het pasje, de caissière.
  • Doen: kopen, betalen, pakken, wegen, duwen, zoeken, inpakken.
  • Tegenstellingen: zwaar en licht, vol en leeg, veel en weinig, groot en klein.
  • Groente en fruit sorteren: wat is fruit, wat is groente?
Alle praatplaten en de vijf treden van aanwijzen tot vertellen

Voor peuters, kleuters, NT2 en kinderen met autisme of LVB

Peuters blijven bij aanwijzen en benoemen. Kies de bekende dingen: de appel, de banaan, het brood en de melk. Laat de peuter hetzelfde echte ding vasthouden. Kleuters kunnen vertellen wie wat doet, de manden tellen en bedenken waarom je bij de kassa betaalt.

Bij NT2 zijn de namen van eten en drinken woorden die kinderen elke dag nodig hebben. Laat ouders thuis over dezelfde plaat praten in hun eigen taal, of samen kijken wat er in hun eigen boodschappentas zit.

Voor een kind met autisme of LVB kan de plaat te druk zijn. Dek alles af behalve de kraam met fruit en vraag steeds in dezelfde woorden: “Waar is de appel?” Schuif het papier pas verder als dat lukt. Het boodschappenlijstje met plaatjes is ook in de echte winkel een goede steun.

Print gratis dagritmekaarten en een eerst-dan-kaart

Oefenen met SuperChild

Na de supermarktplaat: woorden oefenen op de tablet

Over een praatplaat praat je samen. Voor het herhalen daartussen is er SuperChild: een app op de tablet waarmee jonge kinderen met autisme, LVB of een ontwikkelingsachterstand zelfstandig oefenen met woorden, plaatjes en vragen, in korte sessies van 5 tot 20 minuten, begeleid door een AI-coach.

Jij kiest de doelen, bijvoorbeeld eten en drinken benoemen of sorteren, en ziet wat elk kind heeft geoefend en wat lukte. SuperChild vervangt jou niet. Het zorgt dat woorden als appel, brood en kaas ook op andere momenten terugkomen.

Plan een demo van 30 minuten
Een kind tikt op een tablet tijdens het oefenen

Veelgestelde vragen

Welke woorden passen bij een praatplaat over de supermarkt?
Op deze plaat staan appel, banaan, brood, melk, kaas, peer, wortel, mand, winkelwagen, kassa, weegschaal, boodschappenlijstje en lopende band, en de werkwoorden wegen en betalen. Voor een themaweek kun je uitbreiden met eieren, yoghurt, bonnetje, kopen en inpakken.
Kan ik de praatplaat supermarkt gratis printen?
Ja. Klik op “Print de praatplaat” en kies A4 liggend. Je krijgt twee vellen: de plaat en een vel met de woorden en vragen. Je kunt ook “Opslaan als pdf” kiezen. Een account is niet nodig.
Hoe gebruik je een praatplaat supermarkt bij peuters?
Houd het kort en begin met aanwijzen: “Waar is de banaan?” Benoem daarna zelf wat de peuter aanwijst en leg een echte banaan of appel naast de plaat. Een paar minuten is genoeg. Stop terwijl het nog leuk is.
Hoe maak je een thema supermarkt in de kleuterklas?
Begin met de praatplaat en vijf kernwoorden. Richt daarna een winkeltje in de huishoek in met lege verpakkingen, een kassa en mandjes. Lees een prentenboek over boodschappen doen en ga als het kan samen naar een echte winkel in de buurt.
Is de supermarktplaat geschikt voor kinderen met autisme of LVB?
Ja, als je hem stap voor stap aanbiedt. Dek een deel af, vraag steeds in dezelfde woorden en begin bij iets wat het kind graag eet. Werkt een hele plaat nog niet, begin dan met losse plaatjes van één voorwerp per kaart.

Voor professionals

Zie hoe SuperChild past bij jouw doelen.

In een online demo van 30 minuten laten we zien hoe kinderen zelfstandig oefenen en wat jij terugziet.