Autisme

Autisme bij kinderen: signalen per leeftijd, diagnose en wat helpt

Autisme is een ontwikkelingsstoornis waarbij een kind moeite heeft met sociale communicatie en contact, en daarnaast herhalend gedrag, sterke interesses of een andere prikkelverwerking laat zien. Ongeveer 1 tot 2 op de 100 kinderen heeft autisme. Signalen zijn vaak al voor de derde verjaardag te zien, en een diagnose is vanaf ongeveer 2 jaar betrouwbaar. In Nederland begint de route bij het consultatiebureau, de huisarts of het wijkteam.

Bijgewerkt op

Een vader maakt buiten op een parkeerplaats een selfie met zijn zoon, die een blauwe koptelefoon tegen geluid draagt en zijn arm uitsteekt.

Wat is autisme bij kinderen?

Autisme, officieel autismespectrumstoornis (ASS), is een verschil in hoe de hersenen informatie verwerken. Het is aangeboren en blijft je hele leven. Autisme ontstaat vooral door erfelijke factoren. Het komt niet door de opvoeding en niet door vaccinaties.

Volgens de DSM-5, het handboek dat artsen en psychologen gebruiken, heeft een kind met autisme kenmerken op twee gebieden. Die zijn er al vanaf jonge leeftijd en zorgen voor problemen in het dagelijks leven.

  • Sociale communicatie en interactie

    Wat het betekent
    Moeite met wederkerig contact, met lichaamstaal en met vriendschappen
    Voorbeelden bij jonge kinderen
    Weinig wijzen om iets te laten zien, weinig oogcontact, speelt liever alleen, reageert weinig op de eigen naam
  • Beperkte, herhalende patronen

    Wat het betekent
    Herhaalde bewegingen of taal, vasthouden aan routines, sterke interesses, anders reageren op prikkels
    Voorbeelden bij jonge kinderen
    Fladderen met de handen, auto’s op een rij zetten, boos bij een andere route, heftig op geluid of kleding
De twee gebieden van autisme volgens de DSM-5, met voorbeelden bij jonge kinderen
GebiedWat het betekentVoorbeelden bij jonge kinderen
Sociale communicatie en interactieMoeite met wederkerig contact, met lichaamstaal en met vriendschappenWeinig wijzen om iets te laten zien, weinig oogcontact, speelt liever alleen, reageert weinig op de eigen naam
Beperkte, herhalende patronenHerhaalde bewegingen of taal, vasthouden aan routines, sterke interesses, anders reageren op prikkelsFladderen met de handen, auto’s op een rij zetten, boos bij een andere route, heftig op geluid of kleding
De twee gebieden van autisme volgens de DSM-5, met voorbeelden bij jonge kinderen. Sinds de DSM-5 vallen ook de oude diagnoses PDD-NOS en Asperger onder autismespectrumstoornis. De arts geeft aan hoeveel ondersteuning een kind nodig heeft, op drie niveaus.

Signalen van autisme per leeftijd

Autisme ziet er bij elk kind anders uit, en de signalen veranderen als je kind ouder wordt. Bij jonge kinderen vallen vooral contact en communicatie op. Bij schoolkinderen gaat het meer om vriendschappen, flexibiliteit en overprikkeling.

Eén signaal betekent nog geen autisme. Veel peuters zetten graag dingen op een rij of worden boos bij veranderingen. Het gaat om een patroon dat je in verschillende situaties terugziet, thuis en op de opvang of school.

  1. 0 tot 2 jaar
    • Weinig oogcontact of lachen naar jou
    • Reageert weinig op de eigen naam
    • Wijst niet om iets te laten zien
    • Verliest woorden of gebaren die er al waren
  2. 2 tot 4 jaar
    • Weinig interesse in andere kinderen
    • Speelt steeds hetzelfde, zet dingen op een rij
    • Herhaalt zinnen (echolalie) of praat nog niet
    • Heel boos bij kleine veranderingen
  3. 4 tot 6 jaar
    • Moeite met samen spelen en beurtwisselen
    • Neemt taal letterlijk
    • Sterke, smalle interesses
    • Heftig op geluid, licht, kleding of eten
  4. Schoolleeftijd
    • Moeite met vriendschappen en groepjes
    • Snapt grapjes en bedoelingen slecht
    • Houdt zich in op school, ontploft thuis
    • Raakt snel overprikkeld of uitgeput
Eén signaal zegt weinig. Het gaat om een patroon dat in meerdere situaties terugkomt.
  • 0 tot 2 jaar

    Contact en communicatie
    Weinig oogcontact en terug lachen. Reageert weinig op de eigen naam. Wijst niet om iets te laten zien en kijkt niet mee als jij wijst. Weinig brabbelen of gebaren.
    Gedrag, spel en prikkels
    Kijkt lang naar draaiende of glinsterende dingen. Speelt weinig met speelgoed zoals bedoeld. Verliest soms woorden of contact dat er al was.
  • 2 tot 4 jaar

    Contact en communicatie
    Praat laat of herhaalt zinnen (echolalie). Gebruikt jouw hand als gereedschap. Weinig interesse in andere kinderen en weinig doen-alsof-spel.
    Gedrag, spel en prikkels
    Zet dingen op een rij, draait wieltjes rond. Flinke driftbuien bij kleine veranderingen. Heel gevoelig voor geluid, licht, kleding of eten.
  • 4 tot 6 jaar

    Contact en communicatie
    Moeite met samen spelen, beurtwisselen en de spelregels van anderen. Neemt taal letterlijk. Praat vooral over eigen onderwerpen.
    Gedrag, spel en prikkels
    Sterke, smalle interesses. Vaste routines die niet mogen veranderen. Moeite met overgangen, zoals stoppen met spelen.
  • Schoolleeftijd

    Contact en communicatie
    Moeite met vriendschappen en groepjes. Snapt grapjes, ironie en bedoelingen van anderen slecht.
    Gedrag, spel en prikkels
    Raakt overprikkeld in de klas. Houdt zich in op school en ontploft thuis. Raakt snel uitgeput.
Signalen van autisme bij kinderen per leeftijd
LeeftijdContact en communicatieGedrag, spel en prikkels
0 tot 2 jaarWeinig oogcontact en terug lachen. Reageert weinig op de eigen naam. Wijst niet om iets te laten zien en kijkt niet mee als jij wijst. Weinig brabbelen of gebaren.Kijkt lang naar draaiende of glinsterende dingen. Speelt weinig met speelgoed zoals bedoeld. Verliest soms woorden of contact dat er al was.
2 tot 4 jaarPraat laat of herhaalt zinnen (echolalie). Gebruikt jouw hand als gereedschap. Weinig interesse in andere kinderen en weinig doen-alsof-spel.Zet dingen op een rij, draait wieltjes rond. Flinke driftbuien bij kleine veranderingen. Heel gevoelig voor geluid, licht, kleding of eten.
4 tot 6 jaarMoeite met samen spelen, beurtwisselen en de spelregels van anderen. Neemt taal letterlijk. Praat vooral over eigen onderwerpen.Sterke, smalle interesses. Vaste routines die niet mogen veranderen. Moeite met overgangen, zoals stoppen met spelen.
SchoolleeftijdMoeite met vriendschappen en groepjes. Snapt grapjes, ironie en bedoelingen van anderen slecht.Raakt overprikkeld in de klas. Houdt zich in op school en ontploft thuis. Raakt snel uitgeput.
Signalen van autisme bij kinderen per leeftijd. Herken je meerdere signalen, bespreek het dan met het consultatiebureau, de jeugdarts of de huisarts. Je hoeft niet te wachten tot alles duidelijk is.

Autisme bij meisjes

Bij meisjes wordt autisme vaak later of niet herkend. Dat komt niet doordat ze minder last hebben. Veel meisjes kijken goed af hoe andere kinderen zich gedragen en doen dat na. Dat heet camoufleren of maskeren, en het kost veel energie.

Hun interesses vallen ook minder op. Een meisje dat alles weet van paarden of van één tv-serie, lijkt minder bijzonder dan een jongen die alleen over treinen praat. Toch kan de manier waarop ze ermee bezig zijn net zo intens zijn.

  • Je dochter is op school rustig en aangepast, en thuis volledig op.
  • Ze heeft één vriendin en raakt van slag als die met iemand anders speelt.
  • Ze speelt fantasiespel, maar steeds hetzelfde verhaal, met vaste regels die zij bepaalt.
  • Ze heeft veel last van geluid, kleding of drukte, of klaagt over buikpijn en hoofdpijn na school.

Autisme, taalachterstand of LVB: wat is het verschil?

Bij jonge kinderen lijken deze drie soms op elkaar. Ze kunnen ook samen voorkomen. Een kind met autisme heeft vaak ook een taalachterstand, en een deel heeft daarnaast een licht of ernstiger verstandelijke beperking.

Het belangrijkste verschil zit in het contact. Een kind met alleen een taalachterstand of LVB zoekt meestal wel contact op een manier die past bij zijn ontwikkelingsniveau: het wijst, kijkt je aan, doet je na en wil iets met je delen. Bij autisme is juist dat wederkerige contact anders, ook vergeleken met kinderen op hetzelfde ontwikkelingsniveau.

  • Taal

    Autisme
    Vaak later, soms echolalie of praten zonder gesprek
    Taalachterstand
    Later en minder woorden
    LVB
    Later, past bij het algemene niveau
  • Contact

    Autisme
    Anders: weinig delen, wijzen en wederkerig contact
    Taalachterstand
    Zoekt wel contact, met gebaren en wijzen
    LVB
    Zoekt contact op zijn eigen niveau
  • Spel en gedrag

    Autisme
    Herhalend spel, sterke interesses, vaste routines
    Taalachterstand
    Speelt passend bij de leeftijd
    LVB
    Speelt op een jonger niveau
  • Prikkels

    Autisme
    Vaak over- of juist ondergevoelig
    Taalachterstand
    Meestal niet anders
    LVB
    Kan sneller overprikkeld raken
  • Wie stelt het vast

    Autisme
    Kinderpsychiater of GZ-psycholoog
    Taalachterstand
    Logopedist, Audiologisch Centrum bij TOS
    LVB
    Psycholoog of orthopedagoog, met ontwikkelingsonderzoek
Het verschil tussen autisme, een taalachterstand en LVB bij jonge kinderen
KenmerkAutismeTaalachterstandLVB
TaalVaak later, soms echolalie of praten zonder gesprekLater en minder woordenLater, past bij het algemene niveau
ContactAnders: weinig delen, wijzen en wederkerig contactZoekt wel contact, met gebaren en wijzenZoekt contact op zijn eigen niveau
Spel en gedragHerhalend spel, sterke interesses, vaste routinesSpeelt passend bij de leeftijdSpeelt op een jonger niveau
PrikkelsVaak over- of juist ondergevoeligMeestal niet andersKan sneller overprikkeld raken
Wie stelt het vastKinderpsychiater of GZ-psycholoogLogopedist, Audiologisch Centrum bij TOSPsycholoog of orthopedagoog, met ontwikkelingsonderzoek
Het verschil tussen autisme, een taalachterstand en LVB bij jonge kinderen.

Hoe gaat een autismediagnose in Nederland?

Je zorgen bespreken is altijd de eerste stap, ook als je twijfelt. Een vroege diagnose betekent vroege hulp, en bij jonge kinderen maakt dat een verschil.

In Nederland stelt een kinder- en jeugdpsychiater, een GZ-psycholoog, een orthopedagoog-generalist of een klinisch psycholoog de diagnose. Dat gebeurt meestal in een team, bij de jeugd-ggz, een ontwikkelingspoli of een centrum voor kinderen met een ontwikkelingsachterstand. Je komt daar via een verwijzing van de huisarts, de jeugdarts of het wijkteam van de gemeente.

Het onderzoek bestaat uit gesprekken met jou over de ontwikkeling van je kind, observatie van je kind in spel, vaak met de ADOS-2, en informatie van de opvang of school. Bij jonge kinderen wordt ook gekeken naar gehoor, taal en de algemene ontwikkeling, zodat duidelijk wordt wat er precies speelt.

  1. 1Je ziet signalenThuis, op de opvang of op het consultatiebureau. Schrijf voorbeelden op en maak eventueel korte filmpjes.
  2. 2Huisarts, jeugdarts of wijkteamBespreekt je zorgen en verwijst door. Bij jonge kinderen kan Integrale Vroeghulp meekijken.Verwijzing nodig
  3. 3Onderzoek door een specialistEen kinder- en jeugdpsychiater, GZ-psycholoog of orthopedagoog-generalist. Gesprekken met jou, observatie van je kind en vaak de ADOS-2.
  4. 4Uitslag en adviesIs het autisme, iets anders of een combinatie? Je krijgt een verslag met wat je kind nodig heeft.
  5. 5Hulp en begeleidingOuderbegeleiding, logopedie, behandeling bij autisme of een plek op een medisch kinderdagcentrum.
Bij jonge kinderen kijkt een team vaak breder dan alleen autisme: ook naar gehoor, taal en de algemene ontwikkeling. Wachttijden verschillen per regio.

Wat helpt jonge kinderen met autisme?

Er is geen behandeling die autisme weghaalt, en dat is ook niet het doel. Het doel is dat je kind leert communiceren, meedoen en zich redden, en dat het thuis rustiger wordt. Hoe jonger je begint, hoe meer kansen er zijn om te leren.

  1. 1Integrale Vroeghulp en het MKDIntegrale Vroeghulp brengt bij kinderen tot ongeveer 7 jaar alle hulpverleners samen en maakt één plan. Een medisch kinderdagcentrum biedt behandeling en begeleiding in een kleine groep.
  2. 2Structuur en voorspelbaarheidVaste volgordes, een vaste plek voor dingen en vooraf vertellen wat er gaat gebeuren. Dat geeft rust en maakt overgangen makkelijker.
  3. 3Visuele ondersteuningEen dagritme met pictogrammen, een eerst-dan-kaart en keuzekaarten. Veel kinderen met autisme begrijpen wat ze zien beter dan wat ze horen.
  4. 4Logopedie en ondersteunde communicatieEen logopedist werkt aan begrijpen en communiceren, ook met gebaren, plaatjes of PECS als woorden nog niet lukken.
  5. 5OuderbegeleidingJe leert hoe je in gewone momenten contact en communicatie uitlokt. Programma’s zoals ESDM en PRT zetten jou als ouder in het midden.
  6. 6Belonen wat goed gaatEen beloningskaart maakt zichtbaar waar je kind aan werkt. Zo leert het nieuwe vaardigheden met meer plezier, en zie je zelf ook de vooruitgang.

Mijn ochtend

  1. Opstaanklaar
  2. Aankleden
  3. Ontbijten
  4. Tanden poetsen
Een dagritmestrook voor de ochtend. Opstaan is klaar, dus die kaart is omgedraaid of weggehaald.

Hulp en vergoeding in Nederland

Hulp voor kinderen met autisme valt meestal onder de Jeugdwet en wordt geregeld door de gemeente. Het wijkteam of het CJG helpt je op weg en geeft een verwijzing of beschikking. Ook de huisarts en de jeugdarts kunnen doorverwijzen naar jeugdhulp.

Logopedie wordt vergoed uit de basisverzekering. Heeft je kind blijvend veel zorg en toezicht nodig, bijvoorbeeld door autisme met een verstandelijke beperking, dan kan het in aanmerking komen voor de Wet langdurige zorg (Wlz). Het CIZ beslist daarover.

Zoek ook steun voor jezelf. De Nederlandse Vereniging voor Autisme heeft informatie, lotgenotencontact en een adviesdienst. Ouders die eerder hetzelfde meemaakten, weten vaak precies welke weg werkt in jouw regio.

Oefenen met SuperChild

Elke dag oefenen in kleine stappen, met SuperChild

SuperChild is een tablet-app voor jonge kinderen met autisme, een LVB of een ontwikkelingsachterstand. Je kind oefent in korte sessies met een AI-coach: woorden begrijpen, plaatjes aanwijzen, kiezen en nadoen. De stappen zijn klein en voorspelbaar, en de coach past het niveau aan.

De oefeningen volgen dezelfde doelen als de behandeling, zoals de leerlijnen van de VB-MAPP. Wat lukt op de tablet oefen je daarna samen in het echte leven.

SuperChild vervangt de behandelaar niet en stelt geen diagnose. De professional kiest de doelen en ziet bij elke oefening wat lukt.

Plan een demo van 30 minuten
Een kind tikt op een tablet tijdens het oefenen

Veelgestelde vragen

Wat zijn de eerste signalen van autisme bij een kind?
Bij jonge kinderen vallen vaak weinig oogcontact, weinig reageren op de eigen naam en weinig wijzen om iets te laten zien op. Ook late taal, herhalend spel en heftige reacties op veranderingen of prikkels kunnen signalen zijn. Eén signaal zegt weinig, het gaat om een patroon.
Vanaf welke leeftijd kan autisme worden vastgesteld?
Een ervaren team kan autisme vanaf ongeveer 2 jaar betrouwbaar vaststellen. Soms is het beeld nog niet duidelijk en volgt later een nieuw onderzoek. Hulp kan al starten voordat er een diagnose is.
Wie stelt autisme vast bij een kind?
Een kinder- en jeugdpsychiater, GZ-psycholoog, orthopedagoog-generalist of klinisch psycholoog, meestal in een team. Je komt daar via een verwijzing van de huisarts, de jeugdarts of het wijkteam van de gemeente.
Hoe herken je autisme bij meisjes?
Meisjes passen zich vaak aan door anderen na te doen, waardoor autisme minder opvalt. Signalen zijn bijvoorbeeld rustig op school en volledig op thuis, één intense vriendschap, steeds hetzelfde fantasiespel en veel last van prikkels. Daardoor krijgen meisjes de diagnose vaak later.
Is autisme een verstandelijke beperking?
Nee. Autisme en een verstandelijke beperking zijn twee verschillende dingen, maar ze komen vaak samen voor. Ongeveer een derde van de kinderen met autisme heeft ook een verstandelijke beperking. Andere kinderen met autisme hebben een gemiddelde of hoge intelligentie.
Wat helpt een jong kind met autisme?
Vroege hulp, structuur en visuele ondersteuning zoals een dagritme met pictogrammen, logopedie en ouderbegeleiding. Jonge kinderen kunnen ook terecht bij Integrale Vroeghulp of een medisch kinderdagcentrum. Het doel is communiceren, meedoen en zich redden.

Bronnen en meer lezen

Deze pagina geeft algemene informatie en is geen medisch advies. Twijfel je over de ontwikkeling van je kind? Bespreek het met het consultatiebureau, de jeugdarts, de huisarts of een logopedist.

Lees ook

Voor ouders

Wil je dat je kind ook op de groep of in de klas elke dag zo oefent?

Vertel de begeleiders of de school over SuperChild. In een online demo van 30 minuten laten we zien hoe het werkt.